2.1.7. Totaal aantal uitgevoerde controleopdrachten

2016 2017 2018
Adm. P Adm. KMO Adm. GO FISC Adm. P Adm. KMO Adm. GO FISC Adm. P Adm. KMO Adm. GO FISC
Centrale selectie 10.404 47.572 3.072 61.048 8.559 46.088 2.363 57.010 9.795 45.221 3.356 58.372
Lokale selectie 2.237 17.009 1.422 20.668 3.086 21.022 1.533 25.641 2.371 15.138 1.031 18.540
Totaal(1) 12.641 64.581 4.494 81.716 11.645 67.110 3.896 82.651 12.166 60.359 4.387 76.912

AAFisc geeft prioriteit aan centraal geselecteerde controles. Zo’n controleaanpak garandeert dat belastingplichtigen van eenzelfde doelgroep een gelijke behandeling krijgen en in gelijke omstandigheden evenveel kans hebben op een controle. De lokale selectie laat de belastingkantoren toe om, op basis van hun lokale kennis, dossiers te selecteren waarvan zij verwachten dat de controle productief zal zijn. De regelmatige analyse van die lokale selecties is, op zijn beurt, een middel om de centrale selectie te verbeteren.

(1)Het aantal controleopdrachten neemt af omdat de werklast per opdracht toeneemt. Die toename is het gevolg van meerdere factoren:

  • Een verbeterde selectie van productieve dossiers als gevolg van de systematische analyse van de feedback van eerdere jaren en van de bijdrage door experten uit de belastingkantoren voor het creëren van ‘risicoprofielen’. Daardoor vermindert het aantal onproductieve dossiers dat snel wordt afgesloten, en verhoogt dus de gemiddelde werklast.
  • Het invoeren van nieuwe acties of nieuwe profielen voor recurrente acties, waarvan de werklast per opdracht hoger ligt omwille van de toegenomen complexiteit en belangrijkheid van het uit te voeren werk.

De toename van de gemiddelde werklast per opdracht, gelinkt aan de vermindering van het beschikbare controlepersoneel, doet wel het aantal controleopdrachten afnemen maar heeft een positieve impact op de productiviteit ervan.