Vervoer van liquide middelen (cash)

  • Wanneer moet ik een aangifte doen voor cash geld?

    Als u de Europese Unie binnenkomt of verlaat met 10.000 euro cash of meer moet u dit spontaan aangeven bij de Douane (1).

    Als u tussen een andere EU-lidstaat en België reist, moet u dat niet spontaan aangeven. Bij controle kan de Douane u wel vragen of u grote bedragen cash vervoert. Als u op dat moment 10.000 euro of meer in cash bij heeft, moet u het aangifteformulier invullen. (2)

    De aangifteplicht voor grote bedragen in cash geld draagt bij tot de bestrijding van witwaspraktijken en de financiering van terreur of criminaliteit.


    (1) Verordening (EG) 1889/2005.

    (2) Koninklijk besluit van 26 januari 2014 houdende maatregelen ter controle van het grensoverschrijdend verkeer
    van liquide middelen.

  • Hoe en waar moet ik een aangifte doen?

    U moet de aangifte indienen op de plaats waar u de Europese Unie verlaat of binnenkomt. Als u als Belg bijvoorbeeld via Madrid naar Zuid-Amerika reist, moet u in Madrid het Spaanse ingevulde aangifteformulier overhandigen.

    Het Belgische formulier is te verkrijgen op een douanekantoor. Daarnaast vindt u het ook, samen met de formulieren van de andere EU-lidstaten, op de website van de Europese Commissie.

  • Wat zijn de sancties als ik geen aangifte doe?

    Als u 10.000 euro cash of meer in- of uitvoert zonder aangifte, begaat u een douaneovertreding en krijgt u een boete.

    Bovendien zal de Douane altijd een proces-verbaal opmaken voor het openbaar  ministerie. Op basis daarvan kan de procureur beslissen om een witwasonderzoek te openen.

  • Wie moet de aangifte doen?

    Elke natuurlijke persoon die de Europese Unie verlaat of binnenkomt met 10.000 euro cash of meer valt onder de aangifteplicht. Dat is ook het geval wanneer u geld bij heeft van of voor iemand anders of voor een rechtspersoon (bijvoorbeeld de onderneming waarvoor u werkt). Ook als u in groep reist of met kinderen, wordt de regel individueel toegepast.

  • Wat telt als cash?

    ✓ bankbiljetten en muntstukken (vreemde valuta worden omgerekend naar euro)

    ✓ reischeques en andere cheques aan toonder

    ✓ kredietbrieven en kasbonnen

    Alle bovenstaande instrumenten worden opgeteld voor het bepalen of de grens van 10.000 euro bereikt is.