Notionele interestaftrek

Notionele interestaftrek: uniek en innoverend belastingvoordeel in België

  1. Wat is de notionele interestaftrek?

    De 'aftrek voor risicokapitaal' of zogenaamde 'notionele interestaftrek' is een nieuwe, innovatieve en krachtige maatregel in het internationaal fiscaal recht, waarmee alle ondernemingen onderworpen aan de Belgische vennootschapsbelasting een aftrek van hun belastbaar inkomen kunnen toepassen in de vorm van een fictieve rente die wordt berekend op basis van hun eigen vermogen (netto activa). De maatregel is geldig vanaf 1 januari 2006 (aanslagjaar 2007).

    De inbreng van kapitaal is vrij van registratierechten.

    Terug
  2. Wat is het doel van de notionele interestaftrek?

    Het voornaamste doel van deze innovatieve maatregel is het verminderen van de fiscale discriminatie tussen financiering met vreemd vermogen en financiering met eigen vermogen. Inderdaad, in het geval van leningen, is de betaalde rente aftrekbaar van de belastbare basis, terwijl vergoedingen in de vorm van dividenduitkeringen voor financiering met eigen vermogen dat niet zijn.

    Met de verdwijning van het speciaal fiscaal regime voor de Belgische coördinatiecentra, moest België een ander mechanisme voor fiscale planning aanbieden waardoor de verdere ontwikkeling van deze vormen van coördinatie-activiteiten verzekerd wordt.


    De regels zijn ook bedoeld om de volgende positieve effecten te creëren:

    1. Een algemene verlaging van de effectieve aanslagvoet in de vennootschapsbelasting voor alle bedrijven en een hoger rendement na belastingen op de investeringen.
    2. Het bevorderen van kapitaalintensieve investeringen in België, en een stimulans bieden voor multinationals om de toewijzing van bepaalde intra-groepsactiviteiten zoals groepsfinanciering, centrale inkoop en factoring aan een Belgische groepslid te overwegen.
    Terug
  3. Wat is het toepassingsgebied van de notionele interestaftrek?

    Komen in aanmerking voor de notionele interestaftrek: alle vennootschappen die onderworpen zijn aan de:

    • Belgische vennootschapsbelasting, of
    • Vennootschapsbelasting voor niet-inwoners.

    Dit betekent dat de maatregel van toepassing is op:

    • Belgische bedrijven
    • Belgische vestigingen van buitenlandse bedrijven
    • non-profit organisaties (internationaal of nationaal) en stichtingen onderworpen aan de Belgische vennootschapsbelasting
    • buitenlandse bedrijven die eigenaar zijn van onroerend goed gelegen in België of in het bezit zijn van zakelijke rechten op dergelijke onroerende goederen

    Het sluit bedrijven uit die reeds genieten van bepaalde andere voordelige fiscale regels:

    • beleggingsvennootschappen
    • coöperatieve vennootschappen tot stand gebracht in het kader van de werknemersparticipatie
    • rederijen die toepassing maken van de ‘tonnagebelasting’
    • KMO’s die ervoor kiezen om een investeringreserve aan te leggen. Deze KMO’s zullen de notionele interestaftrek niet kunnen toepassen voor de belastbare periode waarin ze een investeringsreserve hebben aangelegd, noch voor de volgende 2 jaar
    Terug
  4. Hoe werkt het?

    Het principe is heel eenvoudig. Het bedrag dat kan worden afgetrokken van de belastbare grondslag is gelijk aan de fictieve rentekosten over het gecorrigeerd eigen vermogen, of simpelweg:


    Notionele interestaftrek = Notionele rente x gecorrigeerd eigen vermogen

    Voorbeelden

    (Aanslagjaar 2015, dat wil zeggen een boekjaar eindigend op 31 december 2014 of later in 2015)

    In een eerste voorbeeld toont de balans van de Belgische entiteit aan dat het maatschappelijk kapitaal is gebruikt voor de financiering van de groep.

    Na ontvangst van een intra-groep rente van 4 % bedraagt de winst voor belastingen 4.000. Vóór de invoering van de notionele interestaftrek, zou de vennootschapsbelasting 1.360 (of 33,99 %) zijn geweest. Dankzij de notionele interestaftrek, dient enkel een effectieve vennootschapsbelasting te worden betaald van 466 (of 11,6 %).

    Activa Passiva
    Groepsfinanciering Maatschappelijk kapitaal
    100.000 100.000

    Resultatenrekening Vóór toepassing notionele interestaftrek Mét notionele interestaftrek
    Winst vóór belastingen 4.000 4.000
    Notionele interestaftrek (3 %) / - 2.630
    Belastbaar 4.000 1.370
    Vennootschapsbelasting (33,99 %) 1.360 466
    Effectief belastingtarief 33,99 % 11,6 %


    Een tweede voorbeeld illustreert het resultaat voor een andere, operationele, Belgische onderneming actief in industriële productie of in enig andere bedrijfssector. Hierbij maken wij in dit geval gebruik van het concept “rendement op eigen vermogen”. Zo lang als het nettoresultaat (rendement op eigen vermogen) gelijk is aan of lager dan het notionele rentetarief, zal geen vennootschapsbelasting moeten worden betaald. De effectieve belastingdruk, die overeenstemt met verschillende percentages van het rendement op het eigen vermogen, kan worden gevonden in de volgende samenvattende tabel.

    Activa Passiva
    Productiemiddelen Maatschappelijk kapitaal
    100.000 100.000

    Netto resultaat (rendement op eigen vermogen)

    Effectief belastingtarief
    0 %
    4 % 11,6 %
    5 % 16,1 %
    6 % 19 %


    Terug
  5. Komt het eigen vermogen in aanmerking voor de notionele interestaftrek?

    De berekening van de fiscale aftrek start bij het 'eigen vermogen', zoals door de onderneming medegedeeld werd in de openingsbalans voor de belastbare periode. Volgens de Belgische boekhoudwet, omvat de component 'eigen vermogen', de rekeningen kapitaal, uitgiftepremies, herwaarderingsmeerwaarden, reserves, overgedragen winsten of verliezen en de kapitaalssubsidies. Dit 'eigen vermogen' zal worden aangepast door een aantal bedragen te elimineren om zo te komen tot het in aanmerking komende of gecorrigeerd eigen vermogen. Dit laatste zal de basis vormen voor de berekening van de aftrek.


    De volgende bedragen worden afgetrokken:

    • de fiscale nettowaarde van de eigen aandelen op de balans
    • de fiscale nettowaarde van financiële, vaste activa opgenomen onder de rubriek “deelnemingen en andere aandelen” (aandelen gehouden als geldbelegging zijn niet bedoeld)
    • de fiscale nettowaarde van de aandelen van beleggingsvennootschappen waarvan de dividenden in aanmerking komen om van de winst te worden afgetrokken (D.B.I. - Definitief Belaste Inkomsten)
    • het eigen vermogen toegewezen aan buitenlandse vaste inrichtingen of onroerende goederen of rechten. Dit betreft alleen de vaste inrichtingen en onroerende goederen die gelegen zijn in een land waarmee België een dubbelbelastingverdrag heeft afgesloten
    • de nettoboekwaarde van de materiële, vaste activa, indien de kosten daarvan méér bedragen dan nodig voor redelijke beroepsbehoeften
    • de boekwaarde van de materiële, vaste activa die worden beschouwd als een belegging die uit zijn aard geen regelmatig inkomen oplevert
    • de boekwaarde van het vastgoed waarvan het gebruik wordt afgestaan aan de bestuurders, hun echtgenoten of kinderen
    • het vrijgesteld bedrag van de uitgedrukte, niet-verwezenlijkte meerwaarden en de kapitaalsubsidies

    Deze aanpassingen zijn gericht op het vermijden van dubbel gebruik en misbruik, zoals uit volgende voorbeelden blijkt: dividenden en meerwaarden uit aandelen komen normaliter reeds in aanmerking voor de deelnemingsvrijstelling, , privévermogen, zoals sieraden of kunstwerken, zouden enkel kunstmatig het eigen vermogen van een onderneming verhogen.

    Elke verandering tijdens het belastbaar tijdperk aan een van de componenten van het in aanmerking komende eigen vermogen wordt slechts in aanmerking genomen op een pro rata basis. Aanpassingen, naar boven of naar beneden, worden in rekening gebracht vanaf de eerste dag van de kalendermaand volgend op de maand waarin de verandering plaatsvond.

    Terug
  6. Wat is het tarief van de notionele interestaftrek?

    Het tarief van de notionele interest voor aanslag jaar 2015 (dat wil zeggen het boekjaar eindigend op 31 december 2014 of later in 2015) is 2,63 %. Voor KMO’s wordt dit zelfs verhoogd tot 3,13 %.

    Als het boekjaar van een onderneming korter of langer is dan 12 maanden, wordt het referentietarief van de notionele interest vermenigvuldigd met het aantal dagen van dit boekjaar en gedeeld door 365.


    KMO’s hebben recht op een tarief verhoogd met 0,5 %. Een bedrijf komt in aanmerking als een KMO als het voldoet aan de criteria vermeld in artikel 15, van het Wetboek van Vennootschappen.

    Terug
  7. Wat zijn de bijzondere kenmerken van de notionele interestaftrek?

     

    1. De notionele interest kan niet worden afgetrokken van de ontvangen abnormale of goedgunstige voordelen. Geen erkenning is nodig om de notionele interestaftrek toe te passen, en de notionele interestaftrekregeling sluit geen enkele economische bedrijfssector uit. Geen erkenning is nodig om de notionele interestaftrek toe te passen, en de notionele interestaftrekregeling sluit geen enkele economische bedrijfssector uit.
    2. Er wordt geen voorwaarde van minimum-kapitalisatie opgelegd inzake het in aanmerking komende eigen vermogen.
    3. Evenmin worden er voorwaarden opgelegd van verplichte investeringen in immateriële en materiële vaste activa, noch van het blokkeren of bevriezen van het afgetrokken bedrag op een aparte balansrekening van de onderneming.
    4. Er dient op de notionele interestaftrek geen roerende voorheffing te worden ingehouden.
    5. Dividenden, betaald met dankzij de notionele interestaftrek vrijgekomen middelen, komen in aanmerking voor EU-moeder-dochter-richtlijn en genieten bescherming van dubbelbelastingverdragen zoals elk ander inkomen.
    6. De enige formele voorwaarde om te voldoen aan de aftrek is het bijvoegen van een formulier (n° 275 C) met detail van de berekeningswijze bij de aangifte in de vennootschapsbelasting.
    7. Indien een vennootschap winsten realiseert in een buitenlandse vaste inrichting, die zijn vrijgesteld in België op basis van een dubbelbelastingverdrag, dan kan het bedrag van de notionele interestaftrek berekend op het vermogen van de buitenlandse vaste inrichting niet in mindering worden gebracht van de Belgische belastbare basis.
    Terug
  8. Mijn bedrijf is een internationaal bedrijf. Zijn er voor mijn bedrijf andere bepalingen van toepassing?

    Voor internationale bedrijven is het essentieel om te bepalen of de belastingwetgeving van hun land van herkomst, indien dit zich buiten België bevindt, het voordeel van de notionele interestaftrek kan ongedaan maken of beperken. De zogenaamde 'gecontroleerde buitenlandse vennootschappen' (of CFC) wetgeving van andere landen moet, in het bijzonder, in aanmerking worden genomen. Het is niet de bedoeling een overzicht te geven van dergelijke, soms complexe, wetgeving die sterk verschilt van land tot land. Echter, rekening houdend met de vele belastingverdragen die België heeft gesloten, evenals met de EU-wetgeving en de daarin verzekerde fundamentele vrijheden, kan gesteld worden dat deze mogelijke, negatieve gevolgen gewoon niet bestaan in de meeste landen. Voor de weinige landen waar ze bestaan, kunnen ze worden vermeden door gebruik te maken van expliciete uitzonderingen of adequate taxplanning.

    Terug
  9. Wat zijn de voordelen van de notionele interestaftrek?

    1. De notionele interestaftrek is een waardevol instrument om in België activiteiten te behouden of zelfs nieuw op te starten die voorheen waren toegestaan onder de bijzondere fiscale regime van de Belgische coördinatiecentra.
    2. Het schept een aanzienlijk fiscaal voordeel voor bedrijven die goede solvabiliteitsratio’s hebben doordat het voorziet in een vermindering van de belastbare basis en het een hogere opbrengst na belasting genereert.
    3. Het geeft ook de nodige flexibiliteit, omdat het mogelijk is het ongebruikt bedrag van NID stock die men in het verleden kon aanleggen, nog steeds kan worden overgedragen naar de toekomst.
    4. Het is een permanente prikkel en niet alleen maar een one-shot voordeel.
    5. Het versterkt de financiële positie van de Belgische ondernemingen en Belgische vestigingen van buitenlandse ondernemingen door hen te stimuleren om hun eigen vermogen te optimaliseren
    6. Het is een stimulans om de winst in de Belgische entiteit te behouden, en deze te gebruiken voor de financiering van nieuwe investeringen.
    7. Voor internationale concerns opent het mogelijkheden voor de toewijzing van nieuwe activiteiten aan een Belgische entiteit, zoals bijvoorbeeld intra-groep financieringsactiviteiten, centrale inkoopfuncties of factoring.


    Naast de notionele interestaftrek biedt België ook het voordeel van zijn uitgebreid verdragsnetwerk, de fiscale regeling voor niet-inwoners, de toegang tot de Europese richtlijnen en zijn flexibele rulingpraktijk. Deze uitgebreide reeks maatregelen maakt van België een aantrekkelijke locatie voor kapitaalintensieve bedrijven, met eigen vermogen gefinancierde hoofdkantoren en treasury-centra.

    Terug