Steunmaatregelen en nieuws in verband met coronavirus

Veelgestelde vragen in het kader van openbaarheid van bestuur

In deze rubriek publiceert de Koninklijke Schenking administratieve documenten en bijkomende informatie, nuttig om haar werking beter te begrijpen.

  • Mag de Koninklijke Schenking eigendommen verkopen?

    Koning Leopold II bedong dat een aantal van de geschonken goederen nooit mocht worden verkocht : het verkoopverbod is dus van toepassing voor een gedeelte van de geschonken goederen.

    Componenten van het patrimonium die niet onmisbaar zijn voor de werking van de Instelling (en waarvan het behoud in het patrimonium bijgevolg geen nut meer heeft) kunnen altijd verkocht worden, om andere investeringen in het patrimonium mogelijk te maken. 

    Het principe van de vervreemding moet voorafgaandelijk door de Minister van Financiën goedgekeurd worden. Bij die gelegenheid wordt nagekeken of de vervreemding niet tegenstrijdig is met de voorwaarden van de schenking.

  • Hoe kan de waarde van het patrimonium van de Koninklijke Schenking geschat worden?

    Z. https://www.dekamer.be/doc/CCRI/pdf/52/ic067.pdf  - blz. 43

    De waarde van het patrimonium van de Koninklijke Schenking werd geschat door de commissie voor de Inventaris van het Vermogen van de Staat die afhangt van de FOD Financiën. Dit zal binnenkort herschat worden in het kader van de invoering van het nieuw boekhoudsysteem waarmee de Koninklijke Schenking sinds 2016 bezig is.  De commerciële waarde van het patrimonium van de Koninklijke Schenking valt echter moeilijk te bepalen, aangezien het om een vermogen gaat dat grotendeels onvervreemdbaar is en dat het vaak om eigendommen gaat met een bijzondere historische, architecturale en kunstwaarde.

  • De Koninklijke Schenking moet zelfbedruipend zijn. Is dit wel degelijk het geval?

    Volgens artikel 1 van het koninklijk besluit van 9 april 1930 moet de Koninklijke Schenking “al haar uitgaven bestrijden met de middelen waarover zij beschikt, zonder lasten voor de Openbare Schatkist”.

    De Koninklijke Schenking bezit een eigen rechtspersoonlijkheid en een volledige financiële autonomie : al haar uitgaven – in ieder geval al deze die het gevolg zijn van de voorwaarden en lasten van de schenking – vallen dus volledig buiten het kader van de federale uitgavenbegroting (zoals voorzien door artikel 1 van het voornoemde KB).

  • Wat dekken de uitgaven van de Koninklijke Schenking?

    De uitgaven (personeel, taksen en belastingen, leveringen en werken, algemene onkosten) van de Koninklijke Schenking hebben betrekking op het beheer en het onderhoud van de goederen die de Instelling zelf beheert, of waarvan de Staat-begunstigde de onderhoudslast heeft.

    De schenkingsakte voorzag immers een aantal dwingende verplichtingen die door de Staat-begunstigde bij wet van 31 december 1903 werden aanvaard.

    Op grond daarvan worden sommige goederen ter beschikking gesteld van het Koningshuis; de Koninklijke Schenking heeft er de onderhoudslast van.

    Dit is ook het geval voor de volgende goederen met een bestemming van algemeen belang -Dudenpark en Arboretum van Tervuren:

    • voor het Dudenpark betaalt de Koninklijke Schenking een jaarlijkse vergoeding van zowat 160.000 euro aan het BIM (Leefmilieu Brussel), die overeenstemt met de onderhoudslasten vermeld in de schenkingsakte van 9 april 1900;
    • het Arboretum van Tervuren wordt integraal beheerd en onderhouden door het personeel van de Koninklijke Schenking – en dit ondanks het feit dat ze er door voornoemde schenkingsakte niet toe verplicht is.

    Gezien de arbeidsintensieve taken van de Koninklijke Schenking (voornamelijk onderhoud en beheer van historische eigendommen) vertegenwoordigen de personeelskosten zowat 70% van het functioneringsbudget.

    Wat betreft deze personeelskosten, moet worden gepreciseerd dat:

    1. de 29 personeelsleden die bij de regie van Villers-sur-Lesse tewerkgesteld worden,  instaan voor het onderhoud van het hele Domein van Ardenne (kastelen, kasteelboederijen, “gewone” hoeves, huizen, kapellen en enkele duizenden hectaren bos en landbouwgronden); 
    2. naast de boswachters en bosarbeiders, het personeelsbestand van voornoemde regie ook een ploeg van bouwvakkers telt (metser, schrijnwerker, dakdekker en handlanger) die, onder de leiding van een controleur der werken, permanent bezig is met het onderhoud van al de gebouwen die over het Domein verspreid liggen. De laatste jaren heeft deze ploeg enkele indrukwekkende realisaties kunnen uitvoeren, waaronder :  
    • de grondige en volledige renovatie van twee huizen (rue du Bief 17 en rue de la Famenne 36 te Villers-sur-Lesse); 
    • de vervanging van het buitenschrijnwerk van talrijke boerderijen (Custinne, Sanzinne, Ferage o.a.) en huizen (o.a. rue du Bief 2 + rue de la Famenne 1 te Villers-sur-lesse, en rue des Marmozets 15 te Ciergnon); 
      1. voor de Koninklijke Serres en het park van het Domein van Laken, een buitengewone biodiverse groene ruimte binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, een ploeg van zo’n 45 tuiniers permanent de waardevolle en onschatbare plantencollectie waarvan de Staat het onderhoud heeft aanvaard (z. één van de voorwaarden vermeld in de schenkingsakte van 9 april 1900 : “Entretenir ou faire entretenir lesdites propriétés et collections, à partir du décès du Donateur”) onderhoudt. Deze echte parel van ons nationaal erfgoed, die het publiek in de lente van elk jaar kan bewonderen, maakt deel uit van de toeristische aantrekkingspunten van de streek. 

      https://visit.brussels/site/nl/place/Koninklijke-Serres-Laken - jaarlijks meer dan 110.000 bezoekers, in de periode waar de meeste planten in bloei zijn : daarna herneemt het dagelijks structureel onderhoudswerk).

      1. daaromtrent, naast de door eigen personeel uitgevoerde werken, belangrijke werkaanbestedingen (overheidsopdrachten) regelmatig worden uitgewerkt met het oog op de grondige renovatie van monumentale serres (bvb de Congoserre, waarvoor de laatste jaren een totaalbedrag van zowat 1,7 MEUR gebudgetteerd werd), van teeltserres (2016 : 107.642 EUR - 2019 : 158.209 EUR), van het verwarmingssysteem (2015 : 90.905 EUR - 2018 : 93.185 EUR - 2019 : 99.031 EUR) of van diverse gebouwen en paviljoenen die van het serrencomplex deel uitmaken (2017 : 102.185 EUR - 2018: 54.146 EUR). 
      2. gelijkaardige overheidsopdrachten eveneens worden gelanceerd voor het onderhoud van andere eigendommen gesitueerd op andere plaatsen dan in Laken. Z. bvb : 
      • Gebouw Naamsestraat 84-88 te Brussel – vervanging  van de dakgoten: 156.236 EUR (2017) – stabiliteitstudie : 25.458 EUR (2019); 
      • Kasteel van Villers-sur-Lesse (nieuwe zetel van de regie) – renovatie van de zuidgevel: 49.779 EUR (2016); 
      • Huis te Houyet, Ardenne 2 –  vervanging van vensterramen : 19.658 EUR (2016); 
      • Idem voor drie huizen te Villers-sur-Lesse (Rue de la Concorde 3 en rue de la Louette 3) en te Houyet (Moulin de Payenne): 18.992,02 EUR (2019) ; 
      • Boerderij van Briquemont – dakwerken: 15.960 EUR (2017); 
      • Brederodestraat 14 (zetel van de centrale administratie) – vervanging van de verwarmingsketel: 40.004 EUR (2018). 
      1. de 6 personeelsleden (boswachters en arbeiders) die in het Domein van Tervuren worden tewerkgesteld de verantwoordelijkheid hebben voor het beheer van het Kapucijnenbos, alsmede voor het aldaar gelegen arboretum. Deze internationaal gekende site vertegenwoordigt een echte groene long voor de talrijke mensen die het dagelijks doorlopen, en is ook een van de mooiste bezienswaardigheden van de streek. (https://www.toerismevlaamsbrabant.be/producten/bezoeken/bezienswaardigheden/geografisch-arboretum-van-tervuren/ )  
    • Zijn er ook kosten die gedragen worden door de begroting van de Staat of van andere openbare overheden (Gewesten, Gemeenten)?

      Afhankelijk van de bestemming en van de voorwaarden die werden vastgelegd voor een verhuur of voor een terbeschikkingstelling van een aantal eigendommen van de Koninklijke Schenking zijn een aantal onderhouds- of renovatiekosten soms ten laste van de huurder of van de begunstigde entiteit.

      - De eigendommen die in de loop der jaren een bestemming van algemeen belang verkregen werden gratis -of mits de betaling van niet marktconforme huurprijzen- ter beschikking gesteld aan de bevolking door bemiddeling van de bevoegde overheden, die bijgevolg er het beheer van verzekeren. Bij het ter beschikking stellen van eigendommen is de prioriteit van de Koninklijke Schenking het bewaren in goede staat.

      Voor eigendommen zoals de Japanse Toren en het Chinees Paviljoen werd beslist ze een bestemming van algemeen belang te geven, ondanks het feit dat deze goederen initieel geen deel uitmaakten van de verplichtingen van de schenkingsakte. Hun beheer werd, al lang voor de oprichting van de Koninklijke Schenking als openbare zelfstandige instelling, aan de Staat overgedragen (voor de Japanse Toren : in 1908 – voor het Chinees Paviljoen : in 1912).

      Een aantal andere goederen (zoals de Koloniale Tuin, het Sobieskipark en de Tuinen van de Bloemist in Laken – afhankelijkheid van het Domein Stuyvenberg) verkregen in de loop der jaren een bestemming van algemeen belang wegens de verzaking door de Vorst aan zijn genotsrecht.

      De beheers- en onderhoudskosten van deze goederen, waarvoor de Koninklijke Schenking geen enkele inkomst krijgt (vanwege hun bestemming), vallen wettelijk ten laste van de bevoegde departementen van de Staat – of van de Gewesten, na de regionalisering. Dit is trouwens ook het geval voor andere goederen, waarvan het beheer na de regionalisering aan de Gewesten werd overgedragen (zoals bv de Tervurenlaan, tussen de Vier Armen en het park van Tervuren).

      - Voor de verhuurde goederen is de Schenking steevast op zoek naar de beste oplossing om enerzijds, voldoende inkomsten te genereren om zelfbedruipend te kunnen zijn, anderzijds de eigendommen met vaak een historische en architecturale waarde zo goed mogelijk te conserveren of renoveren. Elke overeenkomst tussen de Koninklijke Schenking en de huurder beantwoordt derhalve aan deze 2 bezorgdheden.

      De huurders kunnen zowel particulieren zijn (bijvoorbeeld het kasteel Stuyvenberg) als overheidsinstanties zoals de federale overheid (bijvoorbeeld Hertoginnedal) of lokale overheden (bijvoorbeeld de Noorse Stallen in Oostende, het Leopold II park in Nieuwpoort, het park De Rode Aarde in Tervuren of het Joseph Marïen-stadion in Vorst): hun onderhoud is contractueel ten laste van de respectievelijke huurders.

      Hieronder gaan we verder in op enkele concrete emblematische eigendommen van de Schenking.

      1. Hertoginnedal

      Het Kasteel Hertoginnedal werd in 2016 verhuurd door de Koninklijke Schenking aan de Regie der Gebouwen (in opdracht van de Federale regering) voor een periode van 18 jaar.  De overeengekomen huurvoorwaarden voorzien ook een aantal onderhoudskosten ten laste van de huurder, die uiteraard de huurprijs mee hebben bepaald. Zo is recent het buitenschrijnwerk gerestaureerd. De kostprijs van deze restauratie bedroeg 637.000 euro en viel ten laste van de Regie der Gebouwen. Deze kost maakt deel uit van de huurlasten van dit prestigieus domein (overeenkomstig art. 8 van de huurovereenkomst dd. 6 april 2016 : “ il est expressément convenu, eu égard notamment au montant du loyer stipulé ci-avant, que tous les travaux et réparations, tant aux parties extérieures qu’intérieures des bâtiments, ainsi qu’à leurs équipements, sans exception aucune, seront exécutés par le locataire…” –  Zie bijlage (PDF, 493.58 KB))

      1. Japanse Toren en Chinees Paviljoen

      De Japanse Toren en het Chinees Paviljoen in Laken worden gebruikt door de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis maar zijn eigendom van de Koninklijke Schenking : ze maken deel uit van de eigendommen waarvoor beslist werd ze een bestemming van algemeen belang te geven, ondanks het feit dat deze goederen initieel geen deel uitmaakten van de verplichtingen van de Schenkingsakte. Hun beheer werd, al lang voor de oprichting van de Koninklijke Schenking als openbare zelfstandige instelling, aan de Staat werd overgedragen (voor de Japanse Toren : in 1908 -  zie bijlage (PDF, 1.72 MB) – voor het Chinees Paviljoen : in 1912 -  zie bijlage (PDF, 751.46 KB)).

      Hun beheers- en onderhoudskosten, waarvoor de Schenking geen enkele inkomst krijgt (vanwege hun bestemming), vallen wettelijk ten laste van de bevoegde departementen van de Staat.

      Daaromtrent dient er o.a. verwezen te worden naar de wettelijke opdracht van de Regie der Gebouwen, die erin bestaat “terreinen, gebouwen en aanhorigheden ervan, die noodzakelijk zijn voor de diensten van de Staat, voor de door de Staat beheerde openbare diensten (…) ter beschikking van de Staat te stellen en te beheren als een goede huisvader “ (artikel 2 van de wet van 01.04.1971 houdende oprichting van de Regie der Gebouwen).

      Binnenkort zal de Regie der Gebouwen dringende werken laten uitvoeren.   (https://www.regiedergebouwen.be/nl/projects/chinees-paviljoen )

      In het verleden stond de Regie eveneens in voor kosten aan de toren, zoals toen die in 2007-2008 herschilderd werd. (https://www.regiedergebouwen.be/nl/projects/japanse-toren )

      1. Koloniale Tuin, Sobieskipark, Tuinen van de Bloemist

      De Koloniale Tuin, het Sobieskipark (ook bekend als het Elisabethpark) en de Tuinen van de Bloemist in Laken - afhankelijkheid van het Domein Stuyvenberg - verkregen in de loop der jaren een bestemming van algemeen belang wegens de verzaking door de Vorst aan zijn genotsrecht. De beheers- en onderhoudskosten van deze goederen, waarvoor de Schenking geen enkele inkomst krijgt (vanwege hun bestemming), zijn contractueel ten laste van de bevoegde departementen van de Staat – of van de Gewesten, na de regionalisering (zie  bijlage 1 (PDF, 287.47 KB),  bijlage 2 (PDF, 1010.45 KB),  bijlage 3 (PDF, 1.01 MB)). Z. ook de “overeenkomst over het beheer van de groene ruimtes” van 1992, afgesloten tussen de Regie der Gebouwen en het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest (Belgisch Staatsblad van 15 april 1992).

      Hun beheer is momenteel in handen van Leefmilieu Brussel, de parken en gebouwen blijven eigendom van de Koninklijke Schenking. Leefmilieu Brussel staat in voor bepaalde kosten, zoals bijvoorbeeld de lopende renovatie van de conciërgewoning aan de Koloniale Tuin (329.000 euro).

      1. Leopold II park Nieuwpoort

      In 2008-2010 werd het Leopold II-park in Nieuwpoort, dat eigendom is van de Koninklijke Schenking, door de stad Nieuwpoort heraangelegd voor 1,6 miljoen euro (excl. BTW). Daarbij werd een subsidie van 150.000 euro verkregen van het Agentschap Natuur en Bos. Deze kosten maken deel uit van de huurlasten van dit domein, het onderhoud ervan is contractueel ten laste van de huurder. Hiervoor refereren we naar artikel 10 van de huurovereenkomst dd. 1 juni 2007 tussen de Koninklijke Schenking en de Stad Nieuwpoort : “Tijdens de ganse duur van de overeenkomst zal het domein door de huurster volgens de algemeen gangbare normen moeten worden onderhouden en in stand gehouden om zodoende steeds te beantwoorden aan de eisen gesteld voor een park bestemd voor het publiek…”  zie bijlage (PDF, 464.12 KB)). De Koninklijke Schenking is geen eigenares van de aldaar opgerichte sportinfrastructuur (zwembad o.a. – de Stad Nieuwpoort geniet van een recht van opstal).

      1. Tervuren: renovatie van het sportcomplex Berg van Termunt

      De renovatie van het sportcomplex gelegen in het park de Rode Aarde (ook bekend als de Berg van Termunt) werd gedragen door de gemeente Tervuren. De gemeente Tervuren huurt het complex sinds 2010 voor een periode van 25 jaar. De laatste huurovereenkomst tussen de Koninklijke Schenking en de gemeente Tervuren werd afgesloten “voor openbaar nut, met name de uitbouw van recreatievoorzieningen van de gemeente Tervuren” (artikel 13 –  zie bijlage (PDF, 1.21 MB)). Deze renovatie maakte bijgevolg deel uit van de huurlasten van dit prestigieus domein. De Koninklijke Schenking is echter geen eigenares van de gebouwen van dit sportcomplex (de gemeente Tervuren geniet van een recht van opstal).

      1. Joseph Mariën-stadion in het Dudenpark

      In het Dudenpark bezit de Koninklijke Schenking het Joseph-Mariën stadion. De renovatie van dat stadion, goed voor een 2,4 miljoen euro, werd gedeeltelijk gedragen door de gemeente Sint-Gillis en het Brussels Gewest. Deze kost maakt deel uit van de huurlasten van dit domein (zie artikel 8 van de huurovereenkomst dd. 15 december 1998 tussen de Koninklijke Schenking en de gemeente Sint-Gillis: : « …il est expressément convenu entre les parties que le superficiaire sera tenu à tout travail d’entretien, de réparation ou de remise en état éventuelle, quel qu’il soit, et cela pour l’ensemble du bien concerné, y compris le fonds »   Zie bijlage (PDF, 373.85 KB)). Gegeven dat de gemeente Sint-Gillis geniet van een recht van opstal, is de Koninklijke Schenking geen eigenares van de gebouwen van het stadion.

      1. Noorse Stallingen te Oostende

      In 2014 vroeg de Stad Oostende erfgoedsubsidies aan om de Noorse Stallingen, die eigendom zijn van de Koninklijke Schenking, te restaureren. Deze restauratie valt onder de huurlasten van dit goed. Hiervoor refereren we naar artikel 7 van de huurovereenkomst dd. 4 december 2008, afgesloten tussen de Koninklijke Schenking en de Stad Oostende: « …In afwijking van de desbetreffende artikelen van het Burgerlijk Wetboek wordt uitdrukkelijk overeengekomen dat alle welkdanige onderhouds-en herstellingswerken aan de gebouwen en andere gedeelten van de verhuurde goederen uitsluitend ten laste van de huurster vallen. Deze laatste verbindt er zich toe deze werken, welke hun oorzaak weze, te gepasten tijde uit te voeren, zodanig dat het verhuurde goed steeds in perfecte staat van onderhoud verkeert en in zulke staat bij het verstrijken van de overeenkomst kan terugbezorgd worden” -  zie bijlage (PDF, 385.11 KB)). Gegeven dat de Stad Oostende geniet van een recht van opstal, is de Koninklijke Schenking geen eigenares van de aldaar opgerichte sporthal.

    • Doet de Koninklijke Schenking beroep op Europese landbouw subsidies?

      Zie https://www.dekamer.be/doc/CCRA/pdf/53/ac812.pdf - blz.4 : “De Koninklijke Schenking ontvangt, net als alle andere landbouwproducenten en op voorwaarde dat de milieuverbintenissen worden nageleefd, steun in het kader van het GLB…”. Deze bijkomende inkomsten zijn gebonden aan de vrijwillige deelneming van de Schenking aan de milieuvriendelijke uitbating van een gedeelte van haar landbouwgronden (biologische productiemethode). Administraties en organisaties die deel uitmaken van de openbare sector kunnen in aanmerking komen voor de steun (www.belpa.be).

    • Wat doet de Koninklijke Schenking voor het behoud van het patrimonium conform aan artikel 3 van het Koninklijk Besluit van 1930?

      De Koninklijke Schenking beheert haar middelen uitsluitend met het oog op een degelijk behoud van haar patrimonium. Het patrimonium van de Schenking bestaat echter uit verschillende oude en historische gebouwen waarvan de kosten voor het onderhoud snel oplopen. Een deel van het patrimonium is tevens aan renovatie toe.

    • Hoe is de huidige structuur van de Koninklijke Schenking tot stand gekomen?

      De huidige structuur van de Koninklijke Schenking is het resultaat van een beslissing van de wetgevende macht.

      Tot 1929 waren al de ontvangsten en uitgaven met betrekking tot de geschonken goederen gewoon in de verschillende rubrieken van het Staatsbudget begrepen, wat tegenstrijdig was met de wens van de Schenker (z. brief van 31 december 1903, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad dd. 1 januari 1904 - samen met de aanvaardingswet –  Zie bijlage (PDF, 68.89 KB)).

      Om hieraan te verhelpen bepaalt artikel 4 van de wet van 10 mei 1929 dat “de regering het gerechtelijk statuut, het beheer en de rekenplichtigheid van het beheer van de goederen van het Staatsdomein voortkomende van de giften goedgekeurd bij de wetten van 31 december 1903 en 18 oktober 1908 derwijze zal regelen dat dit beheer zijn uitgaven kan bestrijden bij middel van de fondsen die te zijner beschikking zijn”.

      Sinds haar oprichting in 1930 heeft de Instelling haar nut daaromtrent kunnen bewijzen: tot nu toe zijn al haar uitgaven altijd gedekt kunnen worden door haar eigen ontvangsten.

    • Wat zijn de grootste uitdagingen van de Schenking?

      De grootste uitdagingen van de Koninklijke Schenking zijn voornamelijk het budget van de instelling in evenwicht houden en haar patrimonium in goede staat houden. De beheerraad en de personeelsleden van de Koninklijke Schenking slagen daar in door alle regels na te leven die gelden voor een openbare instelling van de Staat, onder toezicht van de minister van Financiën en het Rekenhof.

    • Wat zullen de prioriteiten van de Koninklijke Schenking zijn in de toekomst?

      De Koninklijke Schenking streeft er permanent naar maximaal haar middelen te investeren in het eigen patrimonium en zal dit ook blijven doen. De beschikbare financiële middelen (thesauriereserve van 35 miljoen euro) werden bijgevolg op korte termijn belegd, om gemakkelijker geherinvesteerd te kunnen worden.

      De keuze voor een investering wordt bepaald door positieve cashflows en een positieve huidige waarde van de investering, waarvan de recurrente inkomsten de Instelling zullen toelaten gemakkelijker het hoofd te bieden aan haar wettelijke verplichtingen. Een lagere kost (bijvoorbeeld energiebesparing) is ook een positieve cashflow.