Verminderingen en vrijstellingen

De verminderingen en de vrijstellingen gaan zowel over de successierechten (rijksinwoner) als de rechten van overgang bij overlijden (niet-rijksinwoner).

  • Echtgenoten en wettelijk samenwonende partners: vrijstelling voor gezinswoning

    De echtgenoot of wettelijk samenwonende partner moet geen successierecht/recht van overgang bij overlijden betalen op zijn of haar nettodeel in de woning die op het moment van het overlijden tot gezinswoning diende.

    Opgelet: de vrijstelling geldt niet als de wettelijk samenwonende partner:

    • een bloedverwant in rechte lijn (grootouder, ouder, kind, kleinkind …) van de overledene is of een rechtverkrijgende die voor de toepassing van het tarief met een bloedverwant in de rechte lijn wordt gelijkgesteld
    • een broer, zus, neef, nicht, oom of tante van de overledene is

    Voor die wettelijk samenwonenden is wel een verlaagd tarief voor de hoofdverblijfplaats mogelijk.

    De vrijstelling is ook mogelijk voor de laatste woning die als gezinswoning diende als de echtgenoten of samenwonende partners op het moment van het overlijden niet meer samenwoonden door:

    • een feitelijke scheiding van de partners
    • een geval van overmacht dat tot op het ogenblik van het overlijden voortgeduurd heeft

    Hoe aanvragen?

    • Woonde u op het moment van het overlijden samen met de overledene, dan wordt de vrijstelling normaal automatisch toegepast
    • Woonde u niet meer samen door een geval van overmacht, dan moet u de vrijstelling in de aangifte van nalatenschap aanvragen. In dat geval moet u ook de overmacht aantonen
  • Samenwonenden en in rechte lijn: verlaagd tarief hoofdverblijfplaats

    Voor de samenwonende of erfgenaam in rechte lijn (kind, kleinkind, ouder, grootouder …) is een verlaagd tarief mogelijk wanneer de nalatenschap:

    • een deel in volle eigendom van het gebouw omvat
    • waarin de overledene ten minste 5 jaar zijn hoofdverblijfplaats had

    Voor bepaalde samenwonenden is een volledige vrijstelling van de gezinswoning mogelijk.

    In dat geval zijn op dat gedeelte van de nalatenschap (hoofdverblijfplaats) de volgende tarieven van toepassing.

    Belastingschijven in EUR Percentage per schijf
    van tot
    0,01 50.000 2 %
    50.000,01 100.000 5,3 %
    100.000,01 175.000 6 %
    175.000,01 250.000 12 %
    Het voordeel geldt tot maximum 250.000 EUR. Voor een bedrag daarboven is het gewone tarief van toepassing:
    250.000,01 500.000 24 %
    boven de 500.000 30 %

    Opmerkingen:

    • Met een uittreksel uit het bevolkingsregister of vreemdelingenregister kunt u aantonen dat de overledene zijn hoofdverblijfplaats in het bedoelde gebouw had
    • Het voordeeltarief blijft van toepassing wanneer de overledene door overmacht zijn hoofdverblijfplaats niet heeft kunnen behouden

    Hoe aanvragen?

    • Woonde u op het moment van het overlijden samen met de overledene, dan wordt de vrijstelling normaal automatisch toegepast
    • Woonde u niet meer samen door een geval van overmacht, dan moet u de vrijstelling in de aangifte van nalatenschap aanvragen. In dat geval moet u ook de overmacht aantonen
  • Echtgenoten, samenwonende partners en in rechte lijn: vrijstelling deel successierecht

    Abattement

    De echtgenoot, samenwonende partner of erfgenaam in rechte lijn moet geen successierecht betalen op de eerste schijf van 15.000 EUR van zijn of haar erfdeel. Het abattement is niet geldig voor een niet-rijksinwoner en voor het deel dat een kleinkind alleen als legataris ontvangt.

    Bijkomend abattement voor kinderen jonger dan 21 jaar

    De kinderen van de overledene die nog geen 21 jaar zijn, krijgen een extra vrijstelling van 2.500 EUR per volledig jaar dat zij de leeftijd van 21 jaar nog niet bereikt hebben.

    Bovendien wordt de helft van de extra vrijstellingen die de gemeenschappelijke kinderen samen krijgen, toegekend aan de echtgenoot of samenwonende partner.

    Voorbeeld abattement met kind jonger dan 21 jaar

    Anna Peeters sterft en laat als erfgenaam haar dochter Els na. Els is 17 jaar en 6 maand.

    Na aftrek van de begrafeniskosten en de schulden van Anna bedraagt het nagelaten actief 30.000 EUR.

    Els heeft recht op de volgende vrijstellingen:

    • een belastingvrij gedeelte van 15.000 EUR
    • een bijkomend belastingvrij gedeelte van 2.500 EUR x 3 (= volledige jaren tot 21) = 7.500 EUR

    Samen: 22.500 EUR belastingvrij.

    Het successierecht dat Els verschuldigd is, wordt berekend op 30.000 EUR – 22.500 EUR (= het vrijgestelde bedrag) = 7.500 EUR.

    Zij moet het volgende bedrag aan successierecht betalen: 7.500 EUR x 3 % = 225 EUR.

  • Erfgenamen met minstens 3 kinderen jonger dan 21 jaar: vermindering successierecht

    Erfgenamen met minstens 3 kinderen in leven die de leeftijd van 21 jaar niet bereikt hadden op het moment van het overlijden, krijgen een vermindering van 2 % op de successierechten voor elk van die kinderen, zonder dat de vermindering 62 EUR per kind mag overschrijden.

    Voor de partner van de overledene bedraagt de vermindering 4 % per kind dat de leeftijd van 21 jaar niet bereikt had, zonder dat de vermindering 124 EUR per kind mag overschrijden.

  • Goederen binnen het jaar in nieuwe nalatenschap: halvering van de successierechten

    Als binnen het jaar na het overlijden de geërfde goederen opnieuw deel uitmaken van een of meer nieuwe nalatenschappen, worden de verschuldigde successierechten op die goederen met de helft verminderd.

    Het bedrag van de vermindering van de successierechten mag echter niet hoger zijn dan de geheven successierechten bij de vorige nalatenschap.

  • Broers, zussen, ooms, tantes, neven, nichten en andere personen: vrijstelling successierecht bij bescheiden nalatenschap

    Wanneer de nalatenschap niet meer dan 1.250 EUR bedraagt, moet een broer, zus, oom, tante, neef, nicht of andere erfgenaam op zijn of haar netto-erfdeel geen successierecht betalen.

  • Schenkingen via testament aan bepaalde overheden: vrijstellingen en verminderingen successierecht

    Er is een vrijstelling van het successierecht voor legaten (schenkingen via testament) aan:

    • het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
    • de Brusselse agglomeratie
    • de Vlaamse, Franse en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie
    • de Franse, Vlaamse en Duitstalige Gemeenschap en aan het Vlaamse en het Waalse Gewest
    • de publiekrechtelijke rechtspersonen die gelijkgesteld zijn met de hierboven vermelde instellingen, die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte
    • een lidstaat van de Europese Economische Ruimte
    • de openbare instellingen van een van die instanties

    Het successierecht wordt verlaagd tot 7 % voor de legaten aan:

    • gemeenten en hun openbare instellingen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
    • door de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij erkende maatschappijen
    • het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, coöperatieve maatschappij met beperkte aansprakelijkheid
    • intercommunales van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
    • stichtingen van openbaar nut
    • vzw’s en andere rechtspersonen zonder winstoogmerk die de federale erkenning gekregen hebben bedoeld in artikel 145³³ van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992, de dag van het overlijden of het jaar dat volgt op het overlijden

    Het successierecht wordt verlaagd tot 25 % voor de legaten aan:

    • nationale en internationale vzw’s
    • ziekenfondsen of de landsbonden van ziekenfondsen
    • beroepsverenigingen
    • private stichtingen
  • Familiale ondernemingen en vennootschappen: verlaagde tarieven

    Voor familiale ondernemingen en familiale vennootschappen is een verlaagd tarief van het successierecht mogelijk:

    • van 3 % voor gehuwden, samenwonende partners en in rechte lijn
    • van 7 % voor andere personen

    Welke goederen?

    Familiale ondernemingen

    Het verlaagde tarief is van toepassing op de nettowaarde van de volle eigendom, de blote eigendom of het vruchtgebruik van de activa die door de overledene of zijn partner beroepsmatig geïnvesteerd werden in een familiale onderneming.

    Opgelet: de verlaging geldt niet voor onroerende goederen die hoofdzakelijk voor bewoning gebruikt worden of bestemd zijn.

    Familiale vennootschappen

    Het verlaagde tarief is van toepassing op de nettowaarde van de volle eigendom, de blote eigendom of het vruchtgebruik van aandelen van een familiale vennootschap met zetel van werkelijke leiding in een van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte, op voorwaarde dat de aandelen van de vennootschap op het ogenblik van het overlijden:

    • of voor ten minste 50 % in volle eigendom toebehoren aan de overledene en zijn familie
    • of voor ten minste 30 % in volle eigendom toebehoren aan de overledene en zijn familie als hij en zijn familie aan een van de volgende voorwaarden voldoen:
      • ofwel samen met één andere aandeelhouder en zijn familie volle eigenaar zijn van minstens 70 % van de aandelen van de vennootschap
      • ofwel samen met twee andere aandeelhouders en hun familie volle eigenaar zijn van minstens 90 % van de aandelen van de vennootschap
        Aandelen van rechtspersonen komen niet in aanmerking om samen te tellen met de aandelen van de overledene.

    De vennootschap moet een reële economische activiteit hebben.

    De familie van de overledene of de aandeelhouder omvat:

    • de partner van de overledene of aandeelhouder
    • de verwanten in rechte lijn van de overledene of aandeelhouder en hun partners
    • de zijverwanten van de overledene of aandeelhouder tot en met de tweede graad en hun partners
    • de kinderen van broers en zussen van de overledene of aandeelhouder

    Welke voorwaarden voor het behoud van de verlaging?

    Familiale ondernemingen

    Het verlaagde tarief blijft alleen behouden als gedurende minstens drie jaar zonder onderbreking vanaf de datum van het overlijden:

    • de economische activiteit van de familiale onderneming moet zonder onderbreking voorgezet worden
    • de beroepsmatige aanwending van de met toepassing van de vermindering overgedragen onroerende goederen moet ook behouden blijven

    Familiale vennootschappen

    Het verlaagde tarief blijft alleen behouden als gedurende minstens drie jaar zonder onderbreking vanaf de datum van het overlijden aan al de volgende voorwaarden voldaan is.

    Activiteiten

    De activiteit van de familiale vennootschap wordt zonder onderbreking voortgezet.

    Jaarrekening

    Voor elk van de drie jaar wordt een jaarrekening of geconsolideerde jaarrekening opgemaakt en, in voorkomend geval, gepubliceerd volgens de boekhoudwetgeving van de lidstaat waarin de maatschappelijke zetel gevestigd is op het ogenblik van het overlijden.

    De jaarrekening wordt gebruikt voor de aangifte in de inkomstenbelasting.

    Kapitaal

    Het kapitaal daalt niet door uitkeringen of terugbetalingen.

    Zetel van werkelijke leiding

    De zetel van de werkelijke leiding van de vennootschap wordt niet overgebracht naar een staat die geen deel uitmaakt van de Europese Economische Ruimte.

    Hoe aanvragen?

    • Voeg aan de aangifte van nalatenschap een attest van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest toe waarin bevestigd wordt dat aan de voorwaarden voldaan is
    • Bezorg, voor de 500ste dag die volgt op de dag van het overlijden, aan het kantoor dat de nalatenschap behandeld heeft, een attest van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest waarin bevestigd wordt dat de voorwaarden vervuld waren tijdens de eerste 365 dagen die op het overlijden volgden
    • Bezorg, voor de 865ste dag die volgt op de dag van het overlijden, aan het kantoor dat de nalatenschap behandeld heeft een attest van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest waarin bevestigd wordt dat de voorwaarden vervuld waren tussen de 366ste dag en de 730ste dag die op het overlijden volgden